Handmatig

Als er een slibkwantiteitsbepaling (bijvoorbeeld voorbereiding van een baggerbestek) noodzakelijk is, kan ervoor gekozen worden om bij de kleinere watergangen, handpeilingen (dwarsprofielen) te verrichten.

Bij het meten van de sliblaag en vaste bodem wordt (bij voorkeur) gebruik gemaakt van een slibbaak. Een slibbaak is een peilstok met aan de onderzijde een slibschijf van circa 15 x 15 centimeter. Deze slibschijf komt tijdens de peilingen op het slib te liggen waardoor een goede inschatting kan worden gemaakt van de overgang water – slib. Voor het bepalen van de overgang slib – vaste waterbodem wordt gebruik gemaakt van de onderzijde van de slibbaak. Aan de onderzijde van de slibbaak is geen schijf aanwezig, waardoor de slibbaak door het slib kan worden gedrukt. De overgang slib – vaste waterbodem is, met name bij zand en kleigronden, op gevoel goed te bepalen. Bij een venige ondergrond kan ook op een andere wijze de overgang slib – vaste waterbodem te worden bepaald/gecontroleerd, bijvoorbeeld met een Beeker-Sampler.

Bij de uitvoering van de peilingen wordt ten alle tijde het nul- en het eindpunt van de dwarsraai ingemeten (incl talud, beschoeiing, waterspiegel). Ter plaatse van het onderwatertalud kan een afstand van circa 1,0 meter tussen twee afzonderlijke peilingen worden aangehouden. Naarmate het verloop van de waterbodem in het midden van de watergang vlakker wordt kan ervoor worden gekozen een grotere afstand (bv 2,0 meter) tussen twee afzonderlijke peilingen aan te houden. De dwarsraai kan (bij smalle watergangen) worden uitgezet door een meetlint over de watergang te spannen. Bij brede watergangen en vaarwegen is dit over het algemeen niet mogelijk. Veelal gebruiken wij een Total Station, automatisch waterpastoestel of de RTK-GPS antenne rechtstreeks op de peilbaak geplaatst, waarbij de registratie rechtstreeks in het toestel wordt opgeslagen (een meetlint, met kans op een zeeg in de lijn, is nu overbodig).

De uitkomsten van de peilingen worden door een CAD-tekenaar uitgewerkt in dwarsprofielen. In deze dwarsprofielen kan eveneens het gewenste onderhoudsprofiel (de legger) worden weergegeven. Het dwarsprofiel vormt de basis voor de uiteindelijke kwantiteitsbepaling. Door de oppervlakte van het slibpakket te berekenen (in m2) en deze te vermenigvuldigen met de werkende lengte van de dwarsraai (de afstand tussen twee afzonderlijke dwarsraaien in meters) wordt een inschatting gemaakt van de actuele slibhoeveelheid. Naarmate de afstand tussen de peilingen en de dwarsraaien minder wordt kan een nauwkeuriger uitspraak worden gedaan over de daadwerkelijke slibhoeveelheid in een watergang.

De presentatie van de gegevens (resultaten), kan in nagenoeg ieder gewenst medium en formaat aangeleverd worden. Zo kunnen alle gegevens op diskette / CD-rom / USB-stick, of op full-color kaarten van A4 tot en met A0 worden aangeleverd.